De Europese Erfrechtverordening en het maken van een rechtskeuze

Op nalatenschappen die op of na 17 augustus 2015 openvallen, zijn de bepalingen van de Europese Erfrechtverordening van toepassing. Het doel van de verordening is het versimpelen van de        afhandeling van grensoverschrijdende nalatenschappen.  

Als een Nederlander ten tijde van zijn overlijden eigenaar was van een tweede huis in het buitenland is er sprake van een grensoverschrijdende nalatenschap.

Vóór de inwerkingtreding van de verordening paste ieder land haar eigen erfrechtelijke regels toe.  De erfgenamen kwamen soms voor nare verrassingen te staan, als bleek dat op grond van het Nederlandse erfrecht de langstlevende echtgenoot eigenaar was geworden van alle bezittingen en schulden van de overledene, maar dit op grond van het Franse erfrecht niet gold voor de in Frankrijk gelegen vakantiewoning.

Met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Denemarken nemen alle landen die lid zijn van de Europese Unie deel aan de verordening.

Wat bepaalt de verordening?
Op grond van de verordening is het erfrecht van het land van de laatste gewone verblijfplaats van de overledene van toepassing. De laatste gewone verblijfplaats wordt vastgesteld aan de hand van feiten en kan ingewikkeld zijn (zodat er onzekerheid kan ontstaan over de vraag welk recht er op de nalatenschap van toepassing is).

Voor een in Amsterdam woonachtige Nederlander met een huis in Frankrijk geldt als hoofdregel dat het Nederlandse erfrecht van toepassing zal zijn (dus ook wat betreft de Franse woning). Emigreert dezelfde voormalig-Amsterdammer naar Frankrijk en woont hij in Frankrijk op het moment van zijn overlijden, geldt als hoofdregel dat het Franse recht van toepassing zal zijn op de erfopvolging.

Het maken van een rechtskeuze
In een testament kan men afwijken van het bovenstaande en een rechtskeuze maken voor het recht van de nationaliteit. Zo kan iemand met de Nederlandse nationaliteit een rechtskeuze maken voor het Nederlandse recht, ongeacht waar zijn vermogen zich bevindt en / of waar hij zijn gewone verblijfplaats heeft.Voor mensen met een buitenlandse nationaliteit die hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben, bijvoorbeeld expats, geldt met ingang van 17 augustus 2015 dat zij geen expliciete rechtskeuze meer kunnen maken voor het Nederlandse recht.

Indien zij vóór de inwerkingtreding van de verordening een rechtskeuze hebben gemaakt voor het Nederlandse recht, blijft deze rechtskeuze wel geldig.Heeft iemand met de niet-Nederlandse nationaliteit niet eerder een rechtskeuze uitgebracht, maar wil hij toch dat het Nederlandse erfrecht uiteindelijk van toepassing zal zijn, dient hij op het moment van overlijden zijn gewone verblijfplaats in Nederland te hebben. Is de betreffende expat ten tijde van zijn overlijden naar een ander land verhuisd, zal het Nederlandse recht niet van toepassing zijn.

Bij het maken van een Nederlands testament voor iemand die niet de Nederlandse nationaliteit heeft is het dus van groot belang om te kijken of deze persoon al eerder (een geldige) rechtskeuze heeft gemaakt en of deze persoon van plan is te emigreren – omdat dan het recht van de laatste gewone verblijfplaats (en daarmee het van toepassing zijnde erfrecht) verandert.

Erfbelasting in het buitenland
De fiscale afhandeling van een nalatenschap vindt evenwel plaats volgens de regels van ieder land afzonderlijk. Dat verandert niet door de inwerkingtreding van de Europese Erfrechtverordening.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *