UWV brengt de cijfers in kaart in coronatijden. Welke beroepen bieden nog goede baankansen?


Deel dit artikel

TEKST: JAN WASSENAAR, SENIOR ADVISEUR WERKGEVERSDIENSTEN – UWV/WERKGEVERSSERVICEPUNT HOLLAND RIJNLAND

Ook op de arbeidsmarkt is door corona sprake van golfbewegingen. In de eerste golf (maart t/m mei) waren het vooral uitzendkrachten en werknemers met een tijdelijke aanstelling of oproepcontract die hun baan verloren. Nog even los van de vele zzp’ers die te maken kregen met ingetrokken opdrachten en opdrogende inkomsten.

De start van de enigszins afgeslankte NOW 2.0 in juni lijkt het begin van de tweede werkloosheidsgolf te markeren: UWV ontving in juni, juli en augustus ruim 9.200 ontslagaanvragen om bedrijfseconomische redenen, meer dan 2,5 keer zoveel als in dezelfde periode vorig jaar. Veel werkgevers beseften dat de coronacrisis nog wel even zal aanhouden en zagen zich daardoor genoodzaakt (ook) afscheid te nemen van vast personeel.

Op 1 oktober ging de NOW 3.0 van start. Het is afwachten wat die opnieuw versoberde regeling gaat betekenen voor het aantal ontslag- en WW-aanvragen, maar het moge duidelijk zijn dat het einde van de malaise nog niet in zicht is. Maar goed dus dat er in het nieuwste steunpakket een flink budget is opgenomen voor omscholing. Meer informatie over dit budget en de inrichting van de mobiliteitscentra worden eind oktober/begin november verwacht.

De coronacrisis zien we ook duidelijk terug in de UWV spanningsindicator, die de verhouding tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt laat zien. De arbeidsmarkt ging in het 1e kwartaal van 2020 voor het eerst in 2 jaar van ‘krap’ naar ‘gemiddeld’ en de spanning neemt in het 2e kwartaal verder af.

De spanningsindicator van UWV meet de verhouding tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt door het geschatte aantal openstaande vacatures te delen door het aantal personen die in de eerste 6 maanden van hun WW-uitkering zitten. De uitkomst van deze rekensom, het aantal vacatures per direct beschikbare werkzoekende, geeft een indruk van de krapte op de arbeidsmarkt. Die informatie helpt werkzoekenden om kansen te benutten en werkgevers om personeel te vinden.

Een jaar geleden groeide de Nederlandse economie nog flink. Alleen in Groningen, Drenthe en Flevoland was halverwege 2019 sprake van gemiddelde spanning. Hier waren vraag en aanbod op de arbeidsmarkt ongeveer in balans.

Hoe anders is de situatie in het 2e kwartaal van 2020. De rechter landkaart maakt duidelijk dat de spanning op de arbeidsmarkt in een jaar tijd flink is afgenomen. In onze regio Holland Rijnland is er sprake van een gemiddelde spanning. In Groningen, Friesland, Drenthe, Flevoland en Zaanstreek/Waterland is de arbeidsmarkt zelfs ruim. Dit betekent dat er in deze regio’s meer werkzoekenden zijn dan vacatures. Hierdoor kan het voor werkzoekenden soms moeilijk zijn om een baan te vinden.

Alleen in Rivierenland, Midden-Utrecht, Zeeland en Zuidoost-Brabant is de arbeidsmarkt in het 2e kwartaal van 2020 nog krap. Maar ook in deze arbeidsmarktregio’s is de spanning vergeleken met het 2e kwartaal van 2019 minder groot.

De spanning op de arbeidsmarkt neemt in het 2e kwartaal van 2020 overal af. Dat zien we niet alleen in de verschillende regio’s, maar ook bij de verschillende beroepen. Bij bijna alle beroepsgroepen is de spanning in een jaar tijd afgenomen. 

Hierdoor zijn er in het 2e kwartaal van 2020 veel minder krappe beroepen dan in het 2e kwartaal van 2019, en zijn er meer ruime beroepen. Alleen voor mbo-verpleegkundigen en gespecialiseerd verpleegkundigen neemt de spanning toe ten opzichte van half 2019. In het 2e kwartaal van 2019 golden in totaal 64 beroepsgroepen als krap of zeer krap. Dat aantal is inmiddels gehalveerd en komt een jaar later uit op 32. In het 2e kwartaal van 2020 zijn er nog maar 8 beroeps- groepen waarvoor een zeer krappe arbeids- markt bestaat. Dit geldt onder andere voor software- en applicatieontwikkelaar, elektricien en elektronica-monteur, machinemonteur, bouwarbeider afbouw en (mbo- en gespecialiseerd) verpleegkundige. Vacatures voor functies in deze beroepsgroepen blijven moeilijk vervulbaar.

Om de ontwikkeling van de arbeidsmarkt in beeld te brengen heeft UWV een dashboard met gegevens uit de spanningsindicator gemaakt. Hiermee is snel, eenvoudig en duidelijk de spanning per kwartaal, regio en beroepsklasse in te zien. Deze is te vinden op: 

www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/cijfers/arbeidsmarktdashboards/

Verwacht wordt dat de werkloosheid in 2020 en 2021 verder zal oplopen. Hierdoor moeten veel mensen op zoek naar ander werk, zo nodig in een ander beroep. UWV brengt voor het eerst sinds de coronacrisis in kaart welke beroepen nog goede baankansen bieden en in welke beroepen de kansen sterk zijn afgenomen. Dat geeft richting aan van-werk-naar-werkactiviteiten en scholing van werkzoekenden.

Meest kansrijke beroepen: zorg, onderwijs, ICT en techniek

In de meest kansrijke beroepen is een tekort aan personeel. Deze beroepen boden ook al voor de coronacrisis goede baankansen. In veel gevallen zullen de kansen in deze beroepen de komende tijd goed blijven, ondanks de coronacrisis.

In het overzicht met kansrijke beroepen staan veel zorgberoepen, zoals verzorgenden IG, (wijk)verpleegkundigen, operatie- assistenten en GZ psychologen. Voor de coronacrisis waren in de zorg al grote personeelstekorten. Het coronavirus heeft extra druk gelegd op de zorg en daarmee ook op de behoefte aan extra personeel. Ook onder bijvoorbeeld leerkrachten, ICT’ers, monteurs, accountants en hoveniers is er nog altijd sprake van een tekort aan personeel.

Geef een reactie