Verzoek aan Henri Lenferink hoe aan te blijven als burgemeester van Leiden

Beste Henri,

Je bent met 18 jaar in Leiden al de langstzittende burgemeester van Nederland en hebt jezelf voor nog eens een termijn van 6 jaar door de Commissaris van de Koning laten benoemen. Gefeliciteerd daarmee. In 2014 vond ik het echter heel sterk van je dat je de burgers opriep te reageren, of zij vonden dat je er nog een derde ambtstermijn aan moest vastknopen. Ik heb je toen uitgebreid geschreven waarom ik daar in jouw plaats over zou twijfelen. Zo schreef ik vanuit ondernemersland te ondervinden dat je er weinig of niet voor het bedrijfsleven was. En daarbij had ik het dan nog niet eens over de horeca. Helaas heb ik daar nooit een antwoord op ontvangen.

De vertrouwenscommissie van de gemeenteraad heeft je echter toch niet voor niets weer voor voorgedragen en noemt daarbij jouw ervaring en gedreven betrokkenheid, met hart voor de stad en haar inwoners. Met alle respect, maar als ondernemers in die stad zien wij te veel dat er door de Leidse politiek geen rekening wordt gehouden met de belangen van de plaatselijke ondernemers, maar ook niet met die van burgers. Onze volksvertegenwoordigers verdiepen zich er te weinig in wat er onder de hen speelt. Hierbij lijkt het er vaak op dat het eigenbelang, het bouwen van een standbeeldje voor zichzelf, voorop staat. Kijk in Leiden alleen maar hoe hele bestaande en nieuwe wijken het parkeren wordt ontnomen, zonder de gevolgen daarvan te overzien. De detailhandel is nog meer in de verdrukking geraakt door het concurrerende, maar mislukte Aalmarktplan en de vergeten aandacht voor de tweede helft van de Haarlemmerstraat. Het bedrijventerrein Rooseveltstraat wordt bedreigd, omdat er woningbouw op wordt losgelaten. Er vertrokken grote organisaties, waaronder multinationals uit Leiden. Zo verdwenen bijvoorbeeld Olivetti, Aramco en Jacobs Engineering, maar ook dienstverleners als Deloitte en Ernst & Young. Om maar niet te spreken over de universiteit die steeds meer richting Den Haag trekt, omdat zij daar wel fysiek en financieel gefaciliteerd wordt. Aan de megalomane en alweer grotendeels door hen verlaten bouwprojecten van Achmea en Heerema werd buitensporig meegewerkt, terwijl juist het midden- en kleinbedrijf – zeker nu – alle steun nodig heeft. Het Bio Science Park wordt vanuit de gemeente al jaren als het voorbeeld van ons bedrijfsleven genoemd en geroemd. Ook dat zal op den duur achterhaald blijken, omdat het met twee straten te klein is en nagenoeg geen ruimte meer voor expansie biedt, terwijl voor een deel van de bebouwing de houdbaarheidsdatum technisch al bijna is verstreken. Over dat Science Park stond overigens onlangs nog in de pers dat jij hier de animator van zou zijn. Het kreeg weliswaar gedurende jouw eerste termijn de aandacht, maar het was de Leidse hoogleraar Robbert Schilperoort (1938-2012) die daar begin jaren ‘80 als landelijk leider van het innovatieprogramma biotechnologie de aanzet toe gaf, in een periode dat onze stad door een grote werkloosheid was getroffen. Wethouder Jos Fase (1941-1992) en haar hoofd economische zaken Ewald Keijser (1947-2007) gingen er volledig voor. In 1985, al bij het slaan van de eerste paal voor het ABC gebouw sprak zij dan ook de historische woorden: ‘Hier komt een Bio Science Park’.

Henri, je had, voordat je naar Leiden kwam, een staat van dienst, met o.a. uitgebreide ervaring op het gebied van ruimtelijke ordening, stadsvernieuwing, monumentenzorg en volkshuisvesting. Je kreeg daarbij toch ook met ondernemers te maken? Waarom paste je die ervaringen niet tastbaar in het belang van de stad Leiden toe? Jij staat als burgemeester toch boven de partijen en bent toch een soort ambassadeur bij alles wat er vanuit de stad gebeurt? Ook kunnen de wethouders weleens wat coaching gebruiken op gebieden waarvan zij de ervaring die jij hebt, missen. Bovendien ben je een goede spreker, die vanuit zijn senioriteit op zijn minst impulsen moet kunnen geven. Juist tegenovergesteld daaraan is echter helaas jullie inzet om het regionale Servicepunt 71 onder de supervisie van alleen Leiden te plaatsen. Dat werkt bepaald niet als een stimulans richting omliggende gemeenten om nader tot elkaar te komen. Laat staan dat er zo toch nog naar een noodzakelijk regionaal bestuur wordt toegewerkt. Durfde je het nu niet aan om, zoals je in 2014 deed, de Leidenaren te vragen wat ze dit keer van jouw kandidatuur vonden? Mag ik je uitdagen de komende jaren aantoonbaar meer van voornoemde ervaring en gedreven betrokkenheid bij ons, ondernemers, te laten zien? Er liggen nog voldoende nieuwe kansen. Succes en oprecht veel plezier daarbij gewenst.

Menno Smitsloo
Reacties: [email protected]
Twitter: @MennoSmitsloo

Geef een reactie